Media


Europa kritiseert België over huisvesting woonwagenbewoners.

18 november 2014

Europa levert al jaren stevige kritiek op het huisvestingsbeleid van de Belgische overheid ten aanzien van woonwagenbewoners in België. Zowel in de rapporten van de Raad van Europa als die van de Europese Unie staat onomwonden, dat België in strijd met Europese verdragen onvoldoende  actie onderneemt om de schrijnende huisvestingssituatie van woonwagen
bewoners te verbeteren.  In België zijn er vier grote groepen Roma en woonwagenbewoners: Belgische woonwagenbewoners (ongeveer 7.000), de Manoesjen (Belgische Sinti – ongeveer 1500), afstammelingen van Roma-migranten uit het midden van de 19e eeuw (ongeveer 700) en Roma-migranten uit Oost-Europa. De eerste drie groepen hebben de Belgische nationaliteit. In 2014 is het laatste rapport verschenen van de Europese Commissie tegen racisme en Intolerantie (ECRI) over België. In 2013 is de uitspraak gepubliceerd van het Europees Comité voor Sociale Rechten (ESCR) dat België het Europees Handvest schendt.

Gent_Vosmeers_5

De Europese Commissie tegen Racisme en Intolerantie (ECRI)

De commissie ECRI is ingesteld door de Raad van Europa. Het is een onafhankelijk toezichtsorgaan voor de mensenrechten dat zich heeft gespecialiseerd in vraagstukken van racisme en onverdraagzaamheid. Een van de activiteiten van de ECRI is monitoring van de situatie omtrent racisme en onverdraagzaamheid in elke lidstaat van de Raad van Europa. Per land wordt de situatie geanalyseerd en worden er suggesties en voorstellen gedaan voor oplossingen van de vastgestelde problemen.

ECRI-Rapport over België 25 februari 2014. 

Op 25 februari 2014 heeft de ECRI haar 5e  rapport gepresenteerd over de situatie in België. Zij stelt zich bijzonder kritisch op ten aanzien van het huisvestingsbeleid voor woonwagenbewoners in  België en doet verschillende aanbevelingen om de situatie te verbeteren. Zij herhaal haar eerdere aanbeveling dat België Protocol nr. 12 bij het Europees Verdrag over de rechten van de mens zo snel mogelijk moet ratificeren. In het rapport staan de volgende:

Bevindingen en aanbevelingen

130. Wat haar tweede tussentijdse follow-up aanbeveling betreft, meldde de ECRI dat er niet genoeg goed gelegen en behoorlijk uitgeruste doorgangsterreinen voor woonwagenbewoners beschikbaar zijn. De ECRI vraagt de Belgische overheden om haar aanbeveling snel uit te voeren en voldoende doorgangsterreinen aan te leggen. Uit de tussentijdse follow-up conclusies van de ECRI blijkt dat maatregelen zijn getroffen om meer en betere doorgangsterreinen voor de woonwagenbewoners in te richten. Jammer genoeg blijven bepaalde problemen bestaan en moet er dringend meer gebeuren om het aantal doorgangsterreinen uit te breiden waar woonwagenbewoners naar behoren kunnen verblijven.

131. Bovendien besloot het Europees Comité voor sociale rechten (ECSR) naar aanleiding van collectieve klacht nr. 62/2010 van de Fédération Internationale des Ligues des Droits de l’Homme (FIDH) tegen België dat België het Europese Sociale Handvest schendt omdat het woonwagenbewoners niet correct behandelt; er zijn onvoldoende doorgangsterreinen voor woonwagenbewoners beschikbaar en de regels voor stedenbouwkundige planning zijn niet aangepast aan hun verblijf.

132. De ECRI heeft de volgende informatie verzameld over goed uitgeruste doorgangsterreinen die nu beschikbaar zijn. Het Vlaamse Gewest heeft vier tijdelijke doorgangsterreinen voor kortstondig verblijf en verschillende tijdelijke pleisterplaatsen in tal van gemeenten (waar woonwagenbewoners tot 90 dagen per jaar kunnen verblijven). Daarnaast beschikt het Gewest nog over 30 residentiële terreinen waar woonwagenbewoners langer kunnen verblijven. In het Brussels Hoofdstedelijk Gewest werd het enige bestaande doorgangsterrein voor kortstondig verblijf in juli 2012 gesloten. Het enige kleine residentiële terrein in de gemeente Molenbeek gaat binnenkort wellicht ook dicht. In het Waalse Gewest zijn drie tijdelijke doorgangsterreinen beschikbaar, maar ze zijn nog niet naar behoren uitgerust. Ze moeten in 2014 klaar zijn.

133. De ECRI stelt vast dat er aanzienlijke verschillen blijven bestaan tussen de drie verschillende landsdelen. Vooral het Vlaamse Gewest lijkt een beter gestructureerd beleid te voeren wat financiële middelen, wetgeving en praktijk betreft. Het Waalse Gewest geeft de voorkeur aan onderhandelingen en overleg met vertegenwoordigers van de woonwagenbewoners en van de gemeenten over wetgeving en speelt geval per geval op de behoefte aan doorgangsterreinen in door ad-hoc pleisterplaatsen in te richten.

134. Samenvattend is de ECRI van oordeel dat er nog altijd weinig behoorlijk uitgeruste doorgangsterreinen zijn, vooral in het Waalse Gewest en in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, dat haast geen opvangplaatsen heeft. De ECRI herhaalt haar aanbeveling aan de Belgische overheden om zo snel mogelijk oplossingen uit te werken en voldoende goed gelegen en naar behoren uitgeruste doorgangsterreinen in te richten waar woonwagenbewoners kunnen verblijven.

Rotselaar_Nieuwe_Baan_3


 Het Europese Comité voor Sociale Rechten (ECSR).

Het Europese Comité voor Sociale Rechten (ECSR) is ingesteld door de Raad van Europa en controleert of de aangesloten landen de regels van het Europees Sociaal Handvest  naleven. De aangesloten staten moeten één keer per jaar een rapport maken waarin staat hoe ze (enkele van) de voorschriften in de praktijk brengen.

Uitspraak ECSR in de klacht van de mensenrechten organisatie FIHD  15 januari 2013.

In België kampt men evenals in Nederland met een standplaatsentekort voor woonwagenbewoners. De Internationale Federatie van mensenrechtenliga’s (FIDH) heeft een klacht neergelegd tegen België bij het Europese Comité voor Sociale Rechten. Deze commissie, die waakt over de correcte toepassing van het Europees Sociaal Handvest, heeft 1 maart 2012 een rapport van maar liefst 52 pagina gepubliceerd waarin België met zware bewoordingen wordt veroordeeld  over een gebrek aan verblijfplaatsen voor woonwagenbewoners en een ongerechtvaardigde uitsluiting en uitwijzing van woonwagenbewoners door steden en gemeenten.  België schendt de artikelen die aangepaste huisvesting voor iedere familie garan deren (art. 16), sociale uitsluiting en armoede bestrijden (art. 30) en discriminatie verbieden (art. E) Het belangrijkste dat  uit dit rapport blijkt dat zij de woonwagen als woonvorm zien. De woonwagenbewoners die geen terreinen vinden waar zij mogen verblijven, worden vaak uitgezet. Maar in tegenstelling tot bewoners van huizen hebben ze geen enkele bescherming: ze kunnen op om het even welk uur van de dag of nacht worden uitgezet en in om het even welk seizoen.Icon of Beslissing ESCR Klacht FIDH Belgie 21 Maart 2012 Versie Woonwagenbelang Beslissing ESCR Klacht FIDH Belgie 21 Maart 2012 Versie Woonwagenbelang

Het resultaat is dat afgelopen zomer  de Vlaamse Regering een Vlaams strategisch plan Woonwagenbewoners heeft goedgekeurd. Dit plan omvat een hele reeks acties om verschillende doelstellingen te bereiken. Een van die doelstellingen luidt dat residentiële en doortrekkende woonwagenbewoners toegang moeten hebben tot kwalitatieve standplaatsen.

D'Herbouvillekaai_Antwerpen_3


Bureau van de Europese Unie voor de grondrechten (FRA)

Op 1 maart 2007 is het Bureau van de Europese Unie voor de grondrechten ( FRA) zijn werkzaamheden gestart. Het Bureau adviseert de EU-instellingen en de lidstaten over de eerbiediging van de grondrechten bij de uitvoering van het Europese recht. Het Handvest van de Grondrechten van de EU vormt daarvoor een belangrijk referentiekader.

Huisvestingssituatie van Roma en woonwagenbewoners in Belgie. Maart 2009.

Op dinsdag 20 oktober 2009 publiceerde het Europees Agentschap voor Grondrechten een studie over de huisvesting van Roma en woonwagenbewoners in de Europese Unie. Naar aanleiding van deze publicatie werd ook een rondetafel georganiseerd in Brussel waarop o.a. aandacht werd besteedt aan de conclusies van de thematische studie over huisvesting van Roma en woonwagenbewoners in België, in Vlaanderen, Brussel en Wallonië . Deze studie werd uitgevoerd door het Centrum voor gelijkheid van kansen en voor racismebestrijding. In de studie wordt gesteld dat de beleidsmakers op regionaal en lokaal niveau steeds meer aandacht hebben voor de huisvesting van Roma en woonwagenbewoners. Er is echter een nog een groot gebrek aan standplaatsen in de drie gewesten.Ook is er nog een lange weg te gaan om de administratieve en juridische hindernissen die deze bevolkingsgroepen ondervinden, uit de weg te ruimen. De vooroordelen t.a.v. deze groepen blijven bestaan. Sommige sedentaire Roma leven in verontrustende omstandigheden. Dit tast hun sociale leven en gezondheid aan.

In 2012 verschijnt het onderzoek “Social Thematic Study -The situation of Roma 2012” door de Vrije Universiteit  Brussel over de sociale situatie van Roma en woonwagenbewoners in België. Ook in dit onderzoek wordt uitvoerig verslag gedaan van de stand van zaken rond de huisvesting van de Roma en woonwagenbewoners op woonwagencentra en in woningen in de gewesten Vlaanderen. Wallonië en Brussel.


Publicaties

1.Het woonbeleid van de Vlaamse gemeenschap ten aanzien van doortrekkende woonwagenbewoners tegen de achtergrond van de regelgeving in de Europese Unie. Lotte Meersman.Universiteit Gent 2011.Icon of Woonbeleid Vlaamse Gemeenschap Europese Unie Lotte Meersman 2011 Woonbeleid Vlaamse Gemeenschap Europese Unie Lotte Meersman 2011

2.Vlaams Strategisch Plan Woonwagenbewoners 2012-2015.Icon of Deel 2 Strategisch Plan Woonwagenbewoners Deel 2 Strategisch Plan Woonwagenbewoners

3.Belgium .Thematis Study Housing Conditions of Roma and Travellers .Centrum voor gelijkheid van kansen en voor racismebestrijding Maart 2009..Icon of RAXEN-Thematic Study Housing Conditions Of Roma And TravellersBelgium 2009 RAXEN-Thematic Study Housing Conditions Of Roma And TravellersBelgium 2009

4.Social Thematic Study -The situation of Roma 2012.Vrije Universiteit  Brussel. 2012 .Icon of Franet  Belgium Social Thematic Study The Situation Of Roma 2012 Franet Belgium Social Thematic Study The Situation Of Roma 2012


 

EUROPESE UNIE.  De EU ( Europeun Union)  is een samenwerkingsverband tussen 27 landen in Europa. Deze samenwerking begon na de Tweede Wereldoorlog omdat landen hun economie weer wilden opbouwen. En om ervoor te zorgen dat er nooit meer een nieuwe oorlog zou komen. De Europese Unie is gebaseerd op de rechtsstaat: alles wat zij doet, is gebaseerd op verdragen die vrijwillig en op democratische wijze door alle lidstaten zijn aanvaard. Het zijn bindende afspraken waarmee de doelstellingen van de EU op tal van gebieden worden vastgelegd.

Binnen de EU moet elk land zich houden aan het Europees Verdrag tot Bescherming van de Rechten van de Mens en de Fundamentele Vrijheden (EVRM) Het is eenEuropees verdrag waarin mensen- en burgerrechten voor alle inwoners van de landen zijn geregeld. Het verdrag is opgesteld in 1950 in navolging van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens. Het toezicht op de naleving van het EVRM ligt bij de Raad van Europa.

Een tweede belangrijk verdrag is het Het Europees Sociaal Handvest (ESH) Dit is een mensenrechten verdrag waarin rechten en vrijheden vastliggen die moeten worden gerespecteerd door de landen die het ondertekend hebben.

Icon of Europees Verdrag Voor De Rechten Van De Mens Europees Verdrag Voor De Rechten Van De Mens                Icon of Europees Sociaal Handvest Europees Sociaal Handvest

RAAD VAN EUROPA.  Ook wel genoemd de Council of Europe  is een internationale organisatie, die zit in het Franse Straatsburg waarvan 47 Europese landen en hun bevolking van 800 miljoen inwoners lid zijn. Een belangrijk verdrag is het Europees Verdrag tot Bescherming van de Rechten van de Mens en de Fundamentele Vrijheden (EVRM), dat door alle landen is getekend. Burgers kunnen zich beroepen op bepalingen in het EVRM bij een belangrijk orgaan van de Raad van Europa: het Europese Hof voor de Rechten van de Mens.

 

 

 

 

 

 

radar